11-juli-boodschap OVV

Op elf juli vieren we onze Vlaamse feestdag. We vieren dat 715 jaar geleden de Vlaamse burgers het Franse ridderleger verslagen hebben en dat Vlaanderen niet ingelijfd werd bij het Franse koninkrijk. Sindsdien heeft Vlaanderen veel nederlagen geleden en ook enkele overwinningen behaald. We hebben veel buitenlandse overheersers gekend, maar Vlaanderen werd nooit volledig en definitief bij een andere mogendheid gevoegd. Vlaanderen kon steeds zijn eigen taal en cultuur grotendeels behouden.

Na zes staats(mis)hervormingen heeft Vlaanderen heel wat bevoegdheden verworven, maar te veel toegevingen moeten doen op het altaar van de heilloze Belgische compromissencultuur. Bovendien werd de financiering van deze overgedragen bevoegdheden beperkt zodat Vlaanderen jaarlijks meer dan 700 miljoen euro aan de Belgische federale overheid inlevert.

Het ontbreekt Vlaanderen echter niet alleen aan bestuurlijke middelen om deze financiële, sociale en economische uitdagingen op te vangen gezien fiscaliteit en de sociale politiek tot de federale bevoegdheden behoren.

Vlaanderen kan dientengevolge de broodnoodzakelijke beleidslijnen niet uitzetten omdat de Franstaligen deze zonder meer blokkeren met de wettelijke wapens die ze van de klassieke “Vlaamse” partijen aangereikt kregen. De Vlaamse demografische meerderheid is door hun toedoen tot een politieke minderheid gedegradeerd.

De politiek om het tij te keren wordt nog steeds door de federale regering verhinderd, die door fundamentele tegenstellingen tussen noord en zuid tot heilloze compromissen en halfslachtige oplossingen is veroordeeld.

Vlaanderen kan nu heel wat zelf doen en wat we zelf doen, moeten we beter doen.

Vlaanderen kan zelf zijn onderwijs inrichten en doet dat goed, zeker waar ze de totale homogene bevoegdheid overheeft. Onze scholen zijn bij de beste ter wereld en zijn toegankelijk voor alle kinderen. Zelfs in Brussel, waar de Vlaamse bevolking dramatisch geslonken is, halen de Vlaamse scholen bijna 20% van de totale schoolbevolking. Ligt daar een bron van heropleving in Brussel? We hebben dus reden om fier te zijn, maar ook reden om te beseffen dat er te weinig gewerkt wordt aan het identiteitsgevoel van onze Vlaamse kinderen. Het aanleren van de mooie Vlaamse liederenschat, het kennen van eigen literatuur, het besef van eigen natievorming zou ook in het “Vlaams Onderwijs” aan bod moeten komen. Ook het aanleren van burger- en gemeenschapszin ontbreken in ons bestel.

In uitvoering van de zesde staats(mis)vorming zijn de bevoegdheden over de diverse bestuursniveaus versnipperd met een reeks betwistingen tot gevolg. Niemand is nog verantwoordelijk of kan ter verantwoording worden gesteld.

Onderstaande grafische voorstelling toont overduidelijk de gevolgen van de federale compromissencultuur, bewust doorgedrukt door de Franstaligen, met de welwillende medewerking van “Vlaamse” politieke formaties.

Zo hebben we de contingentering van artsen en tandartsen. Vlaanderen en Wallonië zijn bevoegd voor de opleiding van artsen en tandartsen, maar het federale België blijft bevoegd voor de toekenning van de Riziv-nummers, noodzakelijk om het beroep van arts en tandarts uit te oefenen binnen de regelgeving van het Riziv.

In uitvoering van de federale afspraken van 1997, ook door de Franstaligen goedgekeurd, hebben de Vlaamse universiteiten met een ingangsproef het aantal artsen in opleiding beperkt. Met het gevolg dat wie in Vlaanderen aan studies geneeskunde begint 85% kans heeft om het einddiploma te behalen; de financiële middelen die Vlaanderen aan de opleiding besteed worden optimaal gebruikt.
De Franse Gemeenschap liet na ingangsexamens organiseren en overschreed ieder jaar het toegestane contingent met een voorafname op de toekomstige Riziv-nummers Die overtollige Franstalige artsen mogen ook geneeskunde uitoefenen in Vlaanderen en dragen daar bij tot verdere verfransing.

Alleen een overdracht van de budgetten van de gezondheidszorg biedt een oplossing. Wie beslist betaalt. Deze budgetten kunnen trouwens met een gewone meerderheid aan de gewesten worden overgedragen. Zullen de 88 Vlaamse federale Kamerleden uit de particratie durven treden en hun verantwoordelijkheid opnemen ten overstaan van diegenen die hen verkozen hebben?

De Vlaamse politieke formaties ondergaan de gevolgen van een politiek systeem dat ze zelf goedgekeurd hebben of minstens gedogen.
Vlaanderen en Wallonië zijn sinds 1980 bevoegd voor preventieve geneeskunde. Het is maar een klein budget in vergelijking met curatieve geneeskunde, die federaal gebleven is. Vlaanderen heeft die bevoegdheid goed gebruikt. Dankzij goede preventie zijn de gezondheid en levensverwachting hoger in Vlaanderen. Wallonië heeft die bevoegdheid lange tijd verwaarloosd. Maar de hogere kosten voor curatieve gezondheidszorg in Wallonië zijn wel federaal gebleven met Vlaanderen als derde betaler.

Niettegenstaande de hogere kosten ten gevolge van de zesde staats(mis)hervorming, is Vlaanderen is erin geslaagd zijn budget in evenwicht te houden. Dat is wel gebeurd ten koste van besparingen die veel Vlamingen treffen. Wallonië en de federale staat blijven ondertussen schulden maken. Dat is slechts mogelijk door het in stand houden van een jaarlijkse enorme geldtransfer van tussen vanuit Vlaanderen naar Brussel en Wallonië. Hoe lang nog zal Vlaanderen jaarlijks tussen 8 en 12 miljard euro blijven storten in bodemloze Waalse putten zonder dat de Walen er beter van worden?

Onderstaande grafische voorstelling toont duidelijk aan dat de Vlaamse financiële aderlating de Waalse bevolking niet ten goede komt; de recente gebeurtenissen hebben ten overvloede het waarom aangetoond.

In De Tijd van 2 september 2014 laat Louis VERBEKE, voorzitter van Vlerick Business School, optekenen:
Wanneer vertellen we eens heel duidelijk op basis van feiten aan het hele land dat het onverantwoordelijk is voor Vlaanderen om 8 à 10 procent van zijn B.B.P. over te dragen om het prompt verloren te zien uitdelen, zonder hoop op beterschap?

Tijdens de viering van het 50ste verjaardag van het OVV op 21 mei 2016 stelt gastpreker, professor emeritus Jules GAZON van de Luikse universiteit onomwonden:
Federaal België slechts blijft bestaan als, binnen de federale entiteit, Vlaanderen de interregionale solidaire band blijft garanderen. Dit veronderstelt echter dat Vlaanderen afziet van zijn primaire budgettaire boni (7,5 miljard in 2012) om het budgettair tekort van de federale staat te dichten, veroorzaakt door Wallonië.

Dat alles is slechts mogelijk door het steeds verder ondergraven van de democratie in België. Zo hebben we de lagere vertegenwoordiging van Vlamingen in het federaal parlement, de paritair samengestelde federale regering, allerlei speciale wetten die niet meer kunnen gewijzigd worden zonder de goedkeuring van de Franstaligen, alarmprocedures en belangenconflicten. Zo werd de Vlaamse demografische meerderheid in België gedegradeerd tot een machteloze minderheid. Hoelang nog zal Vlaanderen die fnuiking van haar demografische politieke meerderheid dulden?

De veroudering slaat in Vlaanderen sneller en vroeger toe dan in Brussel en Wallonië. Tot nu toe hebben we dat kunnen opvangen door een hogere tewerkstellingsgraad. Maar de grenzen van ons compensatievermogen komen in zicht. Nu al is meer dan 30 % van de actieve bevolking vervangen door inwijkelingen. Dat hoeft geen nadeel te zijn, maar ook daaraan zijn er grenzen. Indien het geboortecijfer bij de Vlamingen niet verhoogt, dreigt Vlaanderen uit te sterven. Vlaanderen heeft hierin sinds 6de staats(mis)hervorming iets meer bevoegdheden.

De kinderbijslagregeling is naar Vlaanderen overgedragen, behalve voor de Vlamingen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, die hun rechten door de Sint-Emilieakkoorden in rook zien opgaan. Zal Vlaanderen die bevoegdheid gebruiken om de vruchtbaarheidsgraad van Vlamingen te verbeteren? Zal Vlaanderen ook betreffende persoonsgebonden zaken de Vlamingen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest loslaten?

Ook wat betreft de uitoefening van de eigen bevoegdheden naar het buitenland toe kan Vlaanderen het beter doen. Nog steeds is de Vlaamse regering bereid om mee te stappen in door Belgische prinsessen en prinsen geleide Belgische handelsmissies. Deze bevoegdheid werd volledig aan de Gewesten toegewezen. De deelname aan deze missies is niet alleen een tekort aan machtsgebruik van de Vlaamse regering, het geeft ook een totaal verwarrend beeld naar het buitenland toe. Streeft Vlaanderen naar meer autonomie? Waarom is deze Gemeenschap dan nog steeds niet in staat haar eigen boontjes te doppen op terreinen waarover ze de volle bevoegdheid heeft.

Een staatsverband dat enkel in stand kan worden gehouden door de meerderheid van zijn bevolking te minoriseren en financieel lam te leggen kan niet overleven. Wij moeten ons dan ook de vraag durven stellen of het federale bestuursniveau voor Vlaanderen nog enige toegevoegde waarde heeft.

Hoe het staatsverband ook mag genoemd worden is van ondergeschikt belang.

Belangrijk is dat Vlaanderen autonoom beschikt over de opbrengsten van zijn economische activiteiten, de verdeling ervan organiseert en de omvang van een doorzichtige en resultaat gebonden solidariteit zelf bepaalt.
Dan pas zal er in Vlaanderen op 11 juli kunnen gefeest worden.

Willy DE WAELE
Voorzitter

2017-07-24T08:15:49+00:00 10 juli 2017|Opinie, OVV, Toespraken|